jachtvereniging soestdijk

 

 
 

Procedure ter verkrijging van het lidmaatschap van de Jachtvereniging Soestdijk

 

  1. Op uitnodiging van één van de leden van de JVS mag men meerijden met een slipjacht als introducé. Men betaalt het capgeld van een introducé. De mentor (degene die uitnodigt) begeleidt de introducé. Tijdens de gehele slipjacht is de mentor verantwoordelijk voor de introducé. Wanneer iemand geen leden van de JVS kent, kan hij zelf een van de Joint Masters benaderen en hem verzoeken als introducé mee te mogen rijden. De Master wijst dan één van de leden als mentor aan.

  2. Een introducé mag vier maal deelnemen aan een slipjacht in een aaneengesloten periode van twaalf maanden. Hierna kan hij/zij al dan niet lid worden.

  3. Om lid te worden meldt de introducé zich aan als aspirant-lid (of wordt aangemeld door de mentor) bij de secretaris van de JVS, de heer H. Lamme, 06 53 614 064, laharmen@planet.nl. Het aspirant-lid betaalt capgeld van een lid en jaagt in het zwart.

  4. In het Jachtmemo, het officiële orgaan van de JVS, wordt melding gemaakt van het hierboven genoemde verzoek.

  5. Leden van de JVS kunnen tegen het voorgenomen lidmaatschap bij de secretaris protesteren. Een protest moet binnen één maand na publicatie van het verzoek in het Jachtmemo zijn ingediend.

  6. Zijn er binnen één maand na publicatie in het Jachtmemo geen bezwaren binnengekomen dan ontvangt het aspirant-lid: a. een schriftelijke bevestiging dat hij/zij als lid kan worden geaccepteerd; b. van de penningmeester de rekening voor de contributie. Indien het lidmaatschap vóór 1 januari ingaat bedraagt de contributie 100%, na 1 januari 50%. c. van de penningmeester de informatie die nodig is om de afname van het verplichte A-certificaat te regelen. Het wordt op prijs gesteld dat men tevens minstens één B- of één C-certificaat afneemt. d. van de webmaster een toegangscode voor het deel van de verenigingswebsite dat alleen voor leden toegankelijk is. Daarop zijn onder andere de statuten en het huishoudelijk reglement gepubliceerd. Pas nadat volledige betaling van het onder b) en c) genoemde is men lid.

  7. Nadat een lid minimaal tien slipjachten heeft verreden, inclusief de slipjachten als aspirant-lid, wordt in het bestuur besloten of het lid in het rood (ruiter) of groen (amazone) mag jagen. Indien deze beslissing positief is wordt dit door de Master meegedeeld en door de secretaris schriftelijk bevestigd. In deze brief wordt gememoreerd dat het bestuur een actieve opstelling verwacht van het lid, onder meer door betrokkenheid bij de organisatie en/of sponsoring van een slipjacht. Voorwaarden om in de rode/groene jas te mogen jagen zijn: a. correct gedrag, naleven van de etiquette; Page 2 b. sportieve opstelling; c. volledige controle over het paard en de capaciteit om beheerst te rijden.

  8. Eenmaal per jaar - tijdens het Huntball - wordt de groene kraag uitgereikt aan jagende leden die bewezen hebben een rode/groene jas waardig te zijn. Het lid heeft dan minimaal een vol seizoen aan minimaal tien slipjachten deelgenomen.

  9. Het rijden van slipjachten wordt geadministreerd door het verenigingssecretariaat. Eénmaal per jaar - tijdens het Huntball - wordt door de Master aan de leden een herinneringspeld uitgereikt. De uit te reiken herinneringsspeld is afhankelijk van het totaal aantal verreden slipjachten: 25, 50, 75, 100, en vanaf 100 met 50 oplopend (dus 150, 200, 250 et cetera). Uitgereikte spelden blijven eigendom van de vereniging. Wanneer een nieuwe speld wordt uitgereikt moet de oude speld worden ingeleverd bij het verenigingssecretariaat.